A P P È L
Appèl is het onderdeel van onze africhtingssport waarbij de geleider samen met zijn hond één team vormt. Tevens is appèl een steeds belangrijker onderdeel aan het worden. Het is tegenwoordig een feit dat alle honden, en zeker de grotere rassen, onder appèl moeten staan. Het wordt dus ook steeds belangrijker om de hond onder appèl te hebben.
Toch is het appèl gedeelte totaal niet natuurlijk voor een hond. In het wild kent een hond geen commando's en toch is de Duitse Herder heel goed af te richten op het appèl gedeelte. Tevens is dit een bewijs van de werkcapaciteiten en inteligentie van dit ras. Binnen de africhtingssport wordt de hond diverse oefeningen geleerd vanaf het volgen aan de lijn, los volgen via het apporteren tot het vooruit sturen.
Wederom is het knap dat een hond af is te richten op dit gebied. In eerste instantie wordt de hond aangeleerd dat deze bij de geleider moet blijven waarna naderhand er oefeningen moeten worden gedaan waarbij de hond juist weg van de geleider moet gaan.
Tijdens het appèlgedeelte wordt er naar gestreefd om een optimale communicatie tussen geleider en hond te krijgen. De hond wordt geleerd dat het interessant en leuk is om bij de geleider te zijn en al zijn/haar aandacht op die persoon te richten ongeacht wat er voor de rest om hun heen gebeurt. Tevens wordt de hond bekend gemaakt met het afvuren van een pistool, door een groep lopen af te liggen terwijl iemand anders dezelfde routine uitvoert.
Er wordt, uiteindelijk, veel van de hond verwacht verdeeld over 10 oefeningen. Toch begint alles met het VZH of te wel Verkeers Zekere Hond. Hierbij moet de hond tonen dat hij niet alleen gehoorzaam op het veld is, maar zeker ook gehoorzaam is in alledaagse situaties. Hierbij wordt ook duidelijk dat men met sociale honden te maken heeft en dat welke vorm van aggressiviteit niet gewenst en niet getolereerd wordt.
Ook hier zijn vele wegen die naar Rome leiden, maar het eindresultaat moet een gehoorzame Duitse Herder zijn.
Appèl binnen de V.D.H. bestaat uit diverse onderdelen. Ook binnen het appèl gedeelte kan met tot diverse nivos gaan met de hond.
Als eerste is er het VZH (Verkeers Zekere Hond) examen. Hierbij moet de hond niet alleen het IPO 1 programma, zonder apporteren en vooruitzenden, uitvoeren op het kringgroepterrein, maar tevens oefeningen uitvoeren in alledaagse situaties. Dit wordt meestal in een stadgedeelte gedaan waar veel mensen aanwezig zijn. Tevens is dit gedeelte van het examen een goede reklame voor de Duitse Herder, daar er wordt getoont dat deze hond nog altijd een goed karakter heeft en dat men ziet dat er verantwoord wordt getraind met dit ras. Ook blijkt vaak dat vooroordelen teniet worden gedaan. Dit examen is tevens de basis voor alle andere examens binnen de V.D.H. Met kan geen ander (deel) examen doen alvorens de hond in het bezit is van dit VZH certifikaat.
Het IPO 1 programma bestaat uit de volgende onderdelen: Los volgen; Zit oefening; Af oefening; Apporteren over de grond; Apporteren over de 1 meter haag; Apporteren over de 1.60 meter schutting; Vooruitzenden en Af liggen met afleiding.
Bij het IPO 2 programma komt daar nog de Sta oefening en Apporteren over de 1.80 meter schutting bij. Bij het IPO 3 programma moet de Sta uit looppas gedaan worden. Tijdens de hele routine moet de geleider te allen tijden een lijn bij zich hebben.
Voor diegene die niet het complete IPO-programma willen of kunnen doen bestaat de mogelijkheid om net zoals de andere onderdelen deelcerifikaten te halen voor het appèlgedeelte. Met dit deelcertifikaat bestaat weer de mogelijkheid om mee te doen aan zogenaamde koppelwedstrijden. Hierbij wordt een team gevormd uit twee geleiders waarbij 1 bijv. het onderdeel speuren doet en de ander bijv. appèl. Wederom duidelijk dat er meerdere mogelijkheden zijn binnen de sport op elk gebied.
Wat wordt er verwacht van een hond tijdens appèl?
Uiteraard dat de hond te allen tijde gehoorzaam is. Vanaf het begin tot het einde moet de hond in de hand van de geleider zijn. De hond moet te allen tijden opgewekt en vrolijk zijn/haar werk doen. Bij het volgwerk moet de hond met het schouderblad op kniehoogte de geleider, volgens een vastgelegd patroon, volgen. Bij het halthouden moet de hond direkt gaan zitten. Hierna moet de geleider met hond door een groep volgen en binnen de groep halt houden. Tijdens het opvolgen worden er twee schoten gelost waar de hond niet op mag reageren.
Na het volgen komen de volgende oefeningen: Zit; Af; Sta uit gewone pas & Sta uit looppas. Bij deze oefeningen krijgt de hond telkens het desbetreffend commando tussen de 10 - 15 passen na de basispositie. De oefeningen moet vlot en correct uitgevoerd worden. Bij de Af-oefening en de Sta uit looppas wordt de hond voor geroepen. Hierbij moet de hond correct voor de geleider gaan zitten alvorens aan de voet te komen.
Hierna volgen de apporteeroefeningen. In totaal bestaan er 3 apporteeroefeningen t.w. apporteren over de vlakke grond, apporteren over de 1 meter haag en apporteren over de 1.60 meter schutting. Bij deze oefeningen moet de hond in de basispositie blijven zitten terwijl de geleider een apporteerblok weggooit. Op commando moet de hond deze snel gaan halen en ook snel terug brengen. Bij het terugbrengen moet de hond met de blok rustig in z'n bek voor de geleider gaan zitten en deze net zo lang vasthouden tot het commando los. Hierna wordt de hond aan de voet geroepen. Bij de apporteeroefening over de 1 meter haag mag de hond tijdens de heen- en terugsprong de haag niet aanraken. De derde apporteeroefening is over een schutting die 1.80 meter hoog is, maar dusdanig is opgestled dat de hond deze hindernis op een fatsoenlijke manier kan nemen. De hond kan lopend over de schutting heen en terug.
Na de apporteeroefeningen volgt de Vooruit. Deze oefening houd in dat de hond "weggestuurd" wordt en op afstand op het commando AF moet gaan liggen. De hond mag nooit doorlopen tot het einde van het terrein en het "vooruit"-commando wordt, net zoals bijv. de zitoefening, tussen de 10 - 15 passen gegeven.
Voor al deze oefening, op het apporteren na, moet de geleider na het commando 30 passen doorlopen (bij de vooruit moet de hond 30 passen vooruit gaan) alvorens deze zich mag omdraaien.
De laatste oefening die bestaat in het IPO programma is Afliggen met afleiding. Hierbij moet de hond aan de zijkant van het veld los blijven liggen terwijl een andere geleider bovenstaande routine uitvoert. De hond wordt opgehaald voor de vooruitoefening van de andere geleider.
Het hierboven beschreven programma is natuurlijk verkort weergegeven en het is ook zo dat een IPO 1 hond niet alle oefeningen moet doen. Het hoogste nivo, IPO 3, omvat alle bovenvermelde oefeningen. In totaal zijn er 100 punten te verdienen en heeft men er 70 nodig om een examen succesvol af te sluiten.
Alle reglementen betreffende het appèl binnen de V.D.H. en het beoordelen hiervan zijn uiteraard verkrijgbaar bij de V.D.H. Ook bestaat de mogelijkheid om bij kringgroepen informatie in te winnen aangaande dit onderdeel van de africhting.
